De schrijver als participerend observant

De schrijver als participerend observant

door Carla de Jong, schrijver van spannende boeken

Vrijdag 13 November 2009

Sinds mijn tweede roman is verschenen wordt me steeds vaker gevraagd of ik mijn baan ga opzeggen om fulltime schrijfster te worden.

In een eerdere column van Daretoo beschreef ik mezelf in spagaat tussen twee werelden, maar er zit ook een andere kant aan. Mijn boeken raken altijd aan zaken die ik in mijn werk tegenkom en tot nu toe leidt mijn productietempo ook niet echt onder deze combinatie. Sterker nog: als ik hele dagen de tijd had, zou ik vermoedelijk minder schrijven. Zoals een collega-auteur dit weekend tegen me verzuchtte: ‘Ik ben de hele dag You tubefilmpjes aan het kijken en ‘s avonds wil ik met mijn vrouw op de bank krullen.’

Ik heb besloten het vraagstuk vanuit andere invalshoek te benaderen. Per heden werk ik op basis van participatieve observatie, een populaire stroming in sociaal wetenschappelijk onderzoek. De onderzoeker mengt zich in de door hem te onderzoeken groep en doet volledig mee, maar observeert intussen ten behoeve van zijn onderzoek. Overdag verzamel ik mijn feiten en ‘s avonds vertaal ik ze in fictie. Een aanrader voor iedereen die wil schrijven maar er zich nog niet mee kan bedruipen of met een leven alleen thuis in lethargie zou verzanden.

Zet je zintuigen open

Kijkend naar mijn twee boeken klopt het als een bus. In retraite gaat over een tiendaagse intensieve groepstraining. Voor ik het schreef volgde ik zelf zo’n retraite. Het was even afzien, maar voilà: een debuut als resultaat. Serpent speelt zich af in een psychiatrisch ziekenhuis en, o toeval, daar werk ik. Een standaardtip voor beginnende schrijvers is niet voor niets ‘begin in je achtertuin.’

Voor mijn derde boek ga ik op reis naar een mij onbekende wereld, maar ook daarin verwerk ik mijn belevenissen van alledag. Mijn hoofdthema is immers de manier waarop mensen met elkaar omgaan in allerlei situaties en hoe dat uit de klauwen kan lopen, soms zelfs tot de dood er op volgt. De arena van werk biedt in mijn geval een surplus aan inspiratie. Voor andere schrijvers kan hun veld van participatieve observatie een heel andere zijn. De zwemles van je kind (die enge zwemleraar…), zwarte familieverhoudingen, de buurtvereniging, sportclub, het uitgaansleven of je vriendenkring. Maar ook hiervoor geldt: kom achter die computer vandaan en zet je zintuigen open. Doe mee, maar hou tegelijkertijd (of neem na afloop) enige distantie en je thema’s en plots liggen voor het oprapen. Om nog maar te zwijgen over levendige dialogen.

Focus en zachte dwang

Tips voor de (aspirant) schrijver die zich in participatieve observatie wil begeven:

  • Bepaal je thema’s: wat interesseert je, waar zou je over willen schrijven?
  • In welke situaties kom je dit thema tegen of waar zou je het kunnen opzoeken?
  • Draag altijd een notitieboekje en pen bij je.
  • Reflecteer na afloop van een situatie waarin je veel hebt waargenomen en kijk welke interessante elementen erin zitten om uit te werken.
  • Noteer uitspraken en woorden die je opvallen.
  • Zet jezelf minstens drie keer per week achter je computer en spreek dan met jezelf een aantal woorden af dat je gaat produceren

Nee, met deze tips heb je nog geen boek geschreven, maar in dit inductieve proces kunnen de contouren ontstaan van een verhaal dat eenvoudigweg verteld moet worden en wel door jou. En geloof me maar, op een dag kan er ineens een boek in je handen liggen dat jouw naam draagt en gevuld is met het resultaat van jouw participatieve observatie!

209 keer gelezen  | RSS feed van reacties

Bookmark and Share

Stuur door aan vriend of bekende

Geen reacties  





(optioneel veld)

(optioneel veld)

Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.