Hoezo alleen?
door Sabine Wisman
Zondag 01 Augustus 2010
De meeste schrijvers zijn geen sociale alleseters maar knabbelaars. En toch moeten ze onder de mensen. Al zijn ze een beetje raar volk en soms ietwat introvert. Bedenk dat je als schrijver alleen werkt, maar allang samen bènt. Met velen. Misschien wel met meer dan je lief is.
Zoveel schrijvers
Er zijn namelijk zoveel mensen die een boek schrijven. Overal zitten ze ondergedoken en doen wat ze het allerliefste doen. Ze zitten honderden uren alleen achter keukentafels, bureaus en tafeltjes in cafés te peuteren aan zinnen en scènes. Ze smeren woorden uit en schrappen ze weer. Ze bouwen. Als jij de dialoog schrijft tussen je hoofdpersoon en zijn of haar stille, mislukte, eeuwige of gestrande liefde zijn er op dat moment tientallen schrijvers die zo’n dialoog schrijven.
Samen amen
Sommige schrijvers komen fysiek samen. Hoera. Ze zien elkaar op schrijfcursussen en schrijfgroepen en in zaaltjes waar ze hun werk voordragen. Ze lezen elkaars werk en leren daarvan. En ze leren ook van lezers, boekhandelaren en uitgevers. Dus hup, erop uit.
Juniorpas
De mede cursisten van je schrijfopleiding of leden van je schrijfgroepje zijn je opmaat naar om kunnen gaan met kritiek, naar het delen van je werk en ongezouten meningen te horen krijgen. Zoek op z’n minst een goed schrijfmaatje. Dan is je schrijven al minder eenzaam en vooral: veel leerzamer. En als je altijd maar in je eentje blijft werken en in je veilige cocon zit, is de buitenwereld straks wel heel erg winderig en koud.
Jezelf en je schrijven de deur uit laten is je juniorpas naar de schrijfwereld. En ja, natuurlijk is het spannend om te groeien tot een zelfverzekerd en sociaal schrijver die o zo leuk en gevat is en nog intelligent ook. Maar kom op. Vol gas vooruit. Het gaat je helpen.
©Sabine Wisman 2010
Deze column mag alleen gebruikt worden op de website van daretoo.nl en mag niet zonder toestemming van Sabine Wisman op wat voor manier dan ook worden overgenomen en gebruikt.

