Leesboekje schrijven, deel 2

Leesboekje schrijven, deel 2

Door Rian Visser


Maandag 30 augustus moest ik de titel en de flaptekst van een leesboekjes op avi 3E-niveau (eind groep 3) inleveren, zodat er een tekening voor de voorkant gemaakt kon worden. Ze wilden ook een samenvatting van het verhaal. Ik vind het moeilijk om te vertellen waar een verhaal over gaat als ik het nog niet geschreven heb. Ik weet het thema, ik ken de personen en hun problemen, maar hoe het precies afloopt ontdek ik al schrijvende. Dus ik heb in het weekend het verhaal ruw uitgeschreven om dat te ontdekken.

Ik wil voor jonge kinderen dat het verhaal goed en duidelijk afloopt. Ik maak geen tijdsprongen. Dit meisjesboek is voor kinderen, die moeilijk kunnen lezen en dus waarschijnlijk al in groep 4, 5 of 6 zitten. Ze moeten zowel oefenen met technisch lezen als met begrijpen wat ze lezen. Daarom moet het verhaal leuk, grappig en spannend geschreven zijn. En met veel vaart, want ze lezen waarschijnlijk langzaam. En ik wil graag dat kinderen zich erin herkennen. Hele vreemde situaties en onbekende werelden zijn lastig voor moeilijk lezende kinderen.

Maandagmorgen mailde ik de tekst en een paar uur later reageerde de redacteur al dat hij het een leuk verhaal vond. Ik had een paar titelsuggesties, maar dit werd het:
Ik lieg nooit tegen jou.

Dit is de flaptekst:

‘Ik lieg nooit tegen jou,’ zegt Jody.

‘Ik ook niet tegen jou,’ zegt Mei-Lan.

De twee meisjes doen alles samen.

In het echt en in een spel op de pc.

Maar dan doet Jody iets ergs.

Ze steelt van een oude vrouw.

Mei-Lan is boos.

Maar wat kan ze doen?

Een flaptekst moet nieuwsgierig maken en nog niet teveel verklappen. Ik schreef een instructie voor Caroline van Pelt, die de tekeningen gaat maken. Ik vroeg haar om op de voorkant de meisjes te tekenen zoals ze eruit zien, in het computerspel dat ze samen spelen. Daarin maken de meisjes een pop, een soort avatar, van zichzelf. Jody heeft rood haar in een staart. Mei-Lan is Chinees en ik wilde dat ze een Chinese jurk droeg. Op de achtergrond wilde ik een fantasielandschap uit dat computerspel. En ik wilde graag een paardje en dolfijn erbij. Ik vroeg Caroline om een beetje kitscherige, fantasievolle kleuren te gebruiken zoals zij dat zo mooi kan.

Caroline stuurde eerst een schets en een klein stukje uitgewerkt. Daarna maakte ze de hele tekening. Ik vond hem prachtig, maar miste het dolfijntje. Die heeft ze er nog bijgetekend op de schouder van Mei-Lan.

Met deze voorkant en flaptekst kan het boek nu in de aanbiedingsbrochure en het andere reclamemateriaal van de uitgever.

Ondertussen schreef ik het verhaal nog eens goed op en stuurde het naar de redacteur. De tekst moest 30 pagina’s zijn van elk maximaal 30 regels en maximaal 42 letters per regel. Ik had een paar regels met iets meer letters, dus moest nog wat aanpassen. De gemiddelde zinlengte was 7 woorden per zin. Na nog een nieuwe versie stuurde de redacteur de tekst door naar de bureauredactie om het AVI-niveau te laten opmeten. Gisteren kreeg ik bericht dat ik precies op het goede niveau zat. Ik krijg dan een log-bestand waarin ik precies kan zien hoeveel woorden van 1 of 2 lettergrepen ik gebruikt heb, hoe vaak dezelfde woorden voorkomen, hoelang mijn zinnen zijn, etc.

Ik denk dat ik nu een tijdje niets meer hoor. Daarna wordt de tekst nog goed gelezen en gecorrigeerd en worden er tekeningen voor het binnenwerk gemaakt.

Ik werk ook aan een prentenboek, een leesboek over Christiaan Huygens en aan een jeugdboek. En ik heb plannen voor andere boekjes. Er loopt altijd van alles door elkaar.

Lees ook Rian's eerste artikel over het schrijven van "Ik lieg nooit tegen jou"

© Rian Visser

www.rianvisser.nl
www.books2download.nl

454 keer gelezen  | RSS feed van reacties

Bookmark and Share

Stuur door aan vriend of bekende

twee reacties  

Het lijkt me een heel mooi verhaal, ik vind het ook ontzettend knap dat iemand zijn fantasie kan behouden in een opgegeven stramien. Ik ben benieuwd hoe je dat nu hebt opgelost met het woord vriendin?

groetjes Debbie
Leerkracht op de As-Soeffah, dit jaar groep 3 Debbie - 21-09-’10 21:43

Hoi Debbie,
als ik een woord niet mag gebruiken, probeer ik een ander woord te kiezen. Bijvoorbeeld: "Jody en Mei-Lan zijn beste maatjes". Maar het woord maatjes kennen kinderen niet zo goed.
Als ik geen ander goed woord vind, probeer ik het te omschrijven. Bijvoorbeeld: "Jody en Mei-Lan doen alles samen." Dan begrijpen kinderen dat ze elkaars beste vrienden zijn. Rian (E-mail ) (URL) - 28-10-’10 17:24





(optioneel veld)

(optioneel veld)

Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.